Montessorionderwijs

Help mij het zelf te doen, het is de bekendste uitspraak van Maria Montessori en het is nog altijd ons uitgangspunt. Laat de leerling zoveel mogelijk zelf doen, in zijn eigen tempo maar onder goede begeleiding. De school moet een veilige, stimulerende omgeving zijn. Alle montessorischolen in Nederland werken binnen een kader dat is vastgelegd in het document ‘Het montessorionderwijs in de 21e eeuw.’

De scholen voor voortgezet montessorionderwijs hebben drie brede ontwikkelingsdoelen voor de leerlingen:
– zelfstandigheid
– creativiteit (in brede zin)
– maatschappelijke bewustwording/verantwoordelijkheid

Daarnaast zijn zes karakteristieken vastgesteld die voor montessorischolen voor deze leeftijdsgroep typerend zijn:
– Hoofd, hart en handen: montessorionderwijs is niet alleen gericht op de cognitieve ontwikkeling van de leerling, maar ook op de sociale, emotionele, creatieve en morele ontwikkeling.
– Leren kiezen: keuzes maken is een voorwaarde voor de ontwikkeling van zelfstandigheid.
– Reflecteren: reflectie leert leerlingen zelf vast te stellen waar zij staan in hun ontwikkeling en daarnaar te handelen.
– Sociaal leren: de leeftijd van 12 tot 18 jaar is een gevoelige periode voor socialisering. Daarom vormt het van en met elkaar leren een belangrijk onderdeel van het montessorionderwijs.
– Samenhang in leerstof: dit geeft leerlingen de mogelijkheid de werkelijkheid zoveel mogelijk als geheel te onderzoeken. 
– Binnen en buiten school: het leren van bekwaamheden en het verwerven van een maatschappelijke rol, vindt binnen en buiten school plaats.